Prozac & the Country

PATC – Because Sex & the City is nothing but a show

When I grow up

laat een bericht achter »

Later, als ik groot ben, ga ik zoiets doen, maar dan beter natuurlijk.

weiner2

weiner3

weiner4

weiner5

weiner6

Voor zij die nog niet weten wat kopen voor mijn verjaardag volgende maand; ik zou die mens zijn boek wel graag hebben. Lawrence Weiner is de naam. Wel graag onderling overleggen, want met twintig keer hetzelfde boek ben ik ook niet veel.

Written by Nina

14/07/2009 op 2:33 pm

They, too

laat een bericht achter »

En net dan komt er een deugddoende mail binnen. Van exact de juiste mens. Met exact de juiste woorden. Oef, ze bestaan dus tóch.

Written by Nina

14/07/2009 op 9:03 am

Geplaatst in Friends

They

with 5 comments

Kennissen, kameraden, vrienden. Niet altijd een even makkelijk gegeven. Vooral niet als je je in de fase bevindt nà grondige inwendige veranderingen en vòòr stevige geografische veranderingen.
Er zijn zij die niet meer bij de nieuwe versie van jezelf passen, en wat je daarmee aanvangt, is  niet zo’n moeilijk vraagstuk: afvloeiingen, op zijn economisch, niet meer of niet minder. De meesten vloeien trouwens quasi vanzelf af, zonder al te veel leed. De klik is weg, het wederzijdse begrip en gemeenschappelijke interesses zijn iets uit het verleden. Zonder veel spijt laat je samen iets los waar geen van beiden nog iets aan heeft.
Er zijn ook zij die nu je leven binnen komen, en dat is een ander paar mouwen. Er zitten een paar potentieel waardevolle exemplaren tussen, but I can’t help but wonder: hoeveel moet je – zonder de waarde van zij in deze categorie te willen afzwakken – nog investeren in iets wat al snel weer tot een vorig leven zal behoren? Hoe lang overleven vriendschappen die na verloop van tijd enkel nog op elektronische manier onderhouden worden? Want laten we een kat een kat noemen, de ’oh, dan kom ik eens langs hoor’-s waren niet van de lucht sinds de aankondiging van de verhuis, maar we weten allemaal wel dat, met veel geluk, slechts één procent van zij die dat uitriepen, ook effectief zal langskomen. Tot nog toe antwoordde ik steevast met een al dan niet fake smile dat ze altijd welkom zijn, maar even steevast dacht ik bij de ene helft dat ze gewoon verrukt zijn bij het idee van een gratis verblijf in een wereldstad zonder zich al teveel aan te trekken wie nu precies die gratis slaapplaats aanbiedt, en bij de andere helft dat ze gewoon het zoveelste voornemen uiten waar nooit iets van in huis zal komen. Het beruchte ‘we moeten nog eens afspreken’ of ‘ik bel je nog’, weet je wel. Ik wil ze wel eens zien, die massa’s die nu allemaal beweren langs te komen.
Het zijn niet eens zij waaraan ik me de laatste tijd het meest erger. Er blijkt immers plots een forse categorie vervelende etters op te staan. Er zijn zij die middenin een mail-, sms- of andere conversatie van de ene op de andere minuut de communicatie stopzetten en van de aardbol verdwijnen. Just like that, na soms jarenlang – al dan niet sporadisch – contact. Ik dank de heer op mijn blote knieën dat ik gezegend ben met een wel heel extreme uit het oog uit het hart houding. Lijsten allerhande - telefoon, msn, facebook, mail – worden kordaat ingekort. In geen enkel kader moet een mens blijven vasthangen aan die categorie, maar al helemaal niet in het kader van een emigratie. Er zijn binnen die ettercategorie ook zij die elke beweging die ik maak beginnen analyseren en onderzoeken als waren ze Horatio-met-de-stoere-oneliners die een moordverdachte tijdens een strenge ondervraging nauwgezet in de gaten houdt om hem op de kleinste fout te betrappen en zo te veroordelen. Elke uiting van mijnentwege moet een plaats krijgen, elk plan moet in vraag gesteld worden. Alsof ik de verhuis verzin, in het ene geval. Alsof het het domste, meest risicovolle idee is dat een mens ooit heeft bedacht, in een ander geval. Alsof ik nu werkelijk geloof dat emigreren betekent dat ik daar ga aankomen, me op het strand in dertig graden met een cocktail ga neerzetten en er pas veertig jaar later tussen zes planken weer afkom, uitgeruster dan ooit na vier decennia niets doen, klaar om nog wat verder te rusten tot in het oneindige. Alsof een mens maar één plan tegelijk kan hebben en de rest van zijn leven tot die tijd on hold moet zetten. Alsof ik, wanneer ik aankondig dat ik verhuis, ook nog diezelfde dag effectief het land verlaat, leerde ik vandaag nog in een ander, verbazingwekkend geval.
What is up with you people, vraag ik me dan af. Ben ik een nooit eerder geziene trendsetter omdat ik uitwijk en in afwachting daarvan gewoon nog het beste wil maken van de tijd die me hier rest? Ben ik een leugenaar omdat ik nu nog niet precies kan zeggen of het nu november, januari, dan wel februari zal zijn dat we vertrekken? Moet ik me nu ineens al maar laten afschrijven en afscheid nemen van iedereen in afwachting van de nog niet nader bepaalde datum van vertrek? Is het gangbaar dat diegene die emigreert daar rustig onder blijft en al de rest plots rare streken vertoont?
Kennissen, kameraden, vrienden. Niet altijd een even makkelijk gegeven. Maar je schijnt ze nodig te hebben, soms. Wat een brute pech zeg. Ik denk dat ik maar eens op zoek ga naar de kerel die zaterdagmiddag naar zijn vriend “Oh my God! Look at her, she’s amazing!” riep toen ik voorbij liep. Die zag tenminste meteen wat ik waard ben. Ha!

Written by Nina

13/07/2009 op 10:56 pm

Hush hush

with 13 comments

Net als een mens denkt dat er een op alle fronten rustig voortkabbelende periode aan zit te komen, wordt iedereen op het werk samengeroepen om aan te horen dat letterlijk alles in het bedrijf zal veranderen. De huidige functies, werkwijzen, programma’s; het valt allemaal weg, en wel heel snel. In niet minder dan drie maanden tijd zou een quasi nieuw bedrijf moeten heroprijzen uit de ruïnes van wat nu op zijn laatste benen loopt. Life as we know it in de boîte will soon be over. Om ons dat duidelijk te maken, hadden ze een mooie presentatie gemaakt, alwaar de naam van mijn nieuwe afdeling trots stond te prijken tussen al het andere nieuwe geweld. Ruggengraat, core business, stevige uitbreiding, hoorde ik de allerhoogste in rang orakelen over dat waar ik en mijn Kuikens ons geld mee verdienen. Het klonk allemaal zeer gewichtig, en behoorlijk moeilijk op de koop toe, wat me meteen voor het vraagteken stelde wie dàt allemaal in goede banen ging leiden. Ik hoopte op Manager, hij die mij graag van tijd tot tijd het hof maakt, maar het was niet om die reden dat ik daarop hoopte. Als ik dan toch iemand boven mij moet krijgen, redeneerde ik, dan maar liever diegene die ik – weliswaar dankzij zijn lichte voorkeur voor mij – lichtjes sluw naar mijn hand kan zetten. Een stap terugzetten om De Grote Meneren dit project op poten te laten zetten, tot daar aan toe, maar àlles uit handen geven aan een onverlaat waar niet mee te praten valt, thanks but no thanks.
The morning after kreeg ik de sleutel naar het antwoord in de vorm van een mail van mijn favoriete – een ander exemplaar dan bovengenoemde – manager, die een paar maanden geleden een sabbatjaar inlaste om zijn dromen te verwezenlijken. Of ik hem even kon bellen op een moment en plaats waarop niemand meeluisterde. “Strikt vertrouwelijk, want zelfs de andere managers weten het nog niet, maar ik kom halftijds terug om jouw nieuwe afdeling op poten te zetten”, viel hij met de telefoon in huis. Oh. Nog niet helemaal gewend aan zijn definitieve afwezigheid, was hij degene aan wie ik eerst dacht als leider van de nieuwe Serotto-afdeling, vlak voor het besef dat hij er al een tijd niet meer is. “De dagen dat mijn nieuwe zaak gesloten is, presteer ik mijn uren om aan een halftime te komen,” ging hij verder, “en de rest van de week zou ik graag hebben dat jij die functie overneemt.” Kabang. Daar had je het. Miss No Degree zou boven gediplomeerden én naast de managers komen te staan. En iets met flexibelere uren, stand-by zijn, leiding geven, brainstormen, mijn inzicht en durf om de nek uit te steken dat geprezen werd, mee het hele ding uitdenken en realiseren. Enzo. Euhm. Blocnote, anyone? Een stel nieuwe hersens misschien?
“En, weet je nu al meer over jouw nieuwe functie, en ben je er blij mee?” speelde ik vanochtend de vermoorde onschuld toen Manager – het eerste exemplaar weer – uit een meeting met Zij Die Het Voor Het Zeggen Hebben kwam om te vernemen welke toekomst hem en zijn naaste collega’s – me! me! me! –  te wachten stond. “Ja, ik ben weer een pak wijzer, het zal allemaal wel loslopen,” liet ook hij het achterste van zijn tong niet zien. “Je gaat trouwens nog heel erg schrikken,”  deed hij een poging om toch een beetje geheimzinnig en alwetend over te komen. Nee schat, dat deed ik gisteren al, dacht ik bij mezelf. Wat had ik dàt graag luidop gezegd.

Written by Nina

10/07/2009 op 8:36 pm

Geplaatst in Work

Tagged with

Feelin’ sticky

with 2 comments

Ik heb er niet echt iets mee, maar het is aan een voordelig prijsje – leve de connecties – én nog eens op de Heilige Grond, dus we zullen dan maar eens gaan kijken wat Madonna allemaal te vertellen heeft zeker? Het is nu maar te hopen dat ze mijn wijnkot nog niet afgebroken hebben.

Written by Nina

10/07/2009 op 11:31 am

Geplaatst in Leisure, Music

Tagged with , ,

Going hard

with 2 comments

Amai amai, ons moeder heeft al een tweede Facebookpagina aangemaakt. Ze gaat hard verdorie, ik ga nog moeite moeten doen om het mens bij te houden.

Written by Nina

07/07/2009 op 3:14 pm

Geplaatst in General

Tagged with ,

Nothing else

with 5 comments

Et voilà, het zit er weer op, de hoogstwaarschijnlijk laatste Rock Werchter waarvoor we niet op een vliegtuig moeten springen om erbij te kunnen zijn. Editie 2009 in lijstjes, cos we all love lijstjes:

Lessen die we meenemen naar de volgende uitgave van het Festival der Festivals:
* Ik heb vrienden die in een joelende massa van 100.000 enthousiastelingen tijdens een oorverdovend luid optreden staand kunnen slapen. Echt, diep slapen, denk: semi-comateuze toestand. Staand. I kid you not.
* Het feit dat er op de hele weide maar één plaats is waar ze wijn verkopen en die plaats nogal afgelegen ligt, zuigt behoorlijk.
* De mensen waarvan ik een vermoeden had dat ze mijn tijd en energie niet waard zijn, zijn mijn tijd en energie niet waard. Move on to the next.
* We klinken goed, als multiduizendkoppig achtergrondkoor. Het bewijs werd zaterdag op Studio Brussel geleverd toen ze een stuk van Coldplay, wiens zanger in een opmerkelijk goede bui was, lieten horen. Ik heb zelfs het tanden poetsen gestaakt om aan de wederhelft te gaan melden wat een engelenstemmetjes we wel niet hebben. Ook als het goed is, mag het gezegd worden, nietwaar.
* Die van Elbow is wel sympa. Om niet te zeggen, een lief meneertje. En ik kende meer liedjes dan ik dacht.
* Na een bezoek aan de enige wijnbar beginnen shoppen, leidt tot de aankoop van een Coyote Ugly cowboyhoed. Het is geen ding dat een mens elke dag draagt, but I sure look good in it. En daarbij, in een wereldstad als Barcelona zijn ze wel meer gewend.
* De dieren lijken er een traditie van te maken om tijdens het Werchterweekend raar te doen. Straffer dan één van de fretten vorig jaar deden ze echter niet. Het kind stierf namelijk toen, terwijl nu iedereen toch tenminste in leven gebleven is.
* Een compleet doorweekte broek heeft een zestal uur nodig om te drogen indien ze niet van het lichaam verwijderd wordt. Hoe lang het duurt voor een paar schoenen droog is, blijft nog afwachten. De tijd loopt nog.
* Yours sincerely krijgt terug bier binnen. Nog altijd niet van harte, maar het gaat tenminste weer binnen na een zes jaar durende dégoût wegens te veel in de early twenties.
* Ik heb vrienden die er hun hand niet voor omdraaien om de blaas te ledigen in de pint bier die ze net ledigden. Te midden de massa en een optreden, jawel. Still not kidding.

De geleden schade:
* Een brandwonde op de arm. Got no one to blame but myself.
* Twee platte banden. Still looking for the one to blame. And revenge.
* Een kleine overstroming bij thuiskomst.
* Een hond die vier dagen amper at en als wekomstcadeau vannacht alles wat hij wel at, netjes tentoon spreidde op de vloer.
* Een gesneuvelde semi-vriendschap.
* Een kater die vier dagen als vermist opgegeven stond, maar op hetzelfde moment als ons vannacht weer thuiskwam. Het is dat hij geen bandje rond zijn poot had, anders zou ik denken dat hij ook vier dagen op Werchter had gezeten.
* Een kater, punt.
* Een mank lopend spijsverteringsstelsel.

Het leven na Werchter, a.k.a. puin ruimen:
* Een volledig geplunderde keukenkast, dus de auto voor de ingang van een winkel parkeren en nokvol laden met alles behalve hamburgers en frieten is een must.
* De bijna volledige inhoud van de dressing bij elkaar rapen. Het is niet makkelijk om er direct de juiste outfit uit te kiezen, dus alles passeert de revue maar er is nooit tijd om dat wat niet goed bevonden wordt, meteen weer terug te hangen. Dat wat wel tot op de weide is geraakt, vond echter niet zelf de weg naar de wasmachine.
* Een berg afwas die niet moet onderdoen voor die van een klein tot middelgroot restaurant. Ook hier weer: wie alleen thuiskomt om te douchen, slapen en eten, heeft geen tijd voor zoiets onbenulligs als opruimen of afwassen.
* Hopen dat de schoenen het overleven eens ze droog zijn.
* De agenda erbij halen om te zien wanneer het slaaptekort kan ingehaald worden.
* Batterijen opladen en foto’s uploaden.
* De twintig centimeter stof die na de voorbereidende ooit-zullen-we-een-nieuwe-voordeur-hebben-werken die ook dit weekend plaatsvonden over letterlijk het hele huis is neergedaald, min of meer proberen bedwingen.
* In diezelfde categorie: kasten leegmaken, ze samen met een deel van de inhoud verpatsen, rug breken bij het verhuizen van de Powerplate naar een andere ruimte en misschien eens een deftige reorganisatieplanning opstellen in plaats van in het wilde weg elke ruimte tot nog meer chaos herschapen. Zucht.

Festivals, het is altijd weer zwaar afzien. Zowel tijdens als na, want vier dagen is toch echt wel meer dan genoeg. Maar het is het ook altijd weer meer dan waard, want eens een mens tussen de opzwepende, roepende, dansende, zingende massa staat in een mix van bier, zweet, stof en natte kleren, weet hij: it’s all good just the way it is right now. Nothing else matters.

Written by Nina

06/07/2009 op 4:26 pm

Sneak peek

with 5 comments

Voor zij die zich afvragen hoe de bandjes er dit jaar uitzien. Dat kan he, dat er zo’n mensen bestaan. En wijle weer weg, tot de volgende!

P1040922 copy

Written by Nina

04/07/2009 op 11:36 am

Geplaatst in Leisure, Music

Tagged with

Breaking the code

with 4 comments

sb10065791dd-001

Ontsteltenis daarstraks bij het nuttigen van het avondmaal, dat bestond uit taco’s, een woord dat ik om de vijf happen met Mexicaans accent moest herhalen, gevolgd door een exotische “Aie pappy!”, afgewisseld met de nadrukkelijke melding dat ik toch ooit een chihuahua moet hebben die Rosita of Pepito noemt.
Echter, het ging niet over honden, noch over Mexicaanse gebruiken, die ontsteltenis. Wel over de code die in het stof op de glazen tuintafel getekend was. Er zijn zo van die dagen dat ik te lui ben om eerst de hele tafel spic & span op te blinken voor ik er mijn bord op neerplant, ja. Ze Code bestond uit een stippellijn, daaronder een vraagteken en daaronder een doorlopende lijn. “Er zijn gewoon mensen in onze tuin geweest!!” gilde ik dramatisch naar de overkant van de bestofte tafel. De overkant smekte smakelijk – ik voel een nieuwe Suske en Wiske titel aankomen – verder en schonk beledigend weinig aandacht aan mijn alarmerende boodschap. “Waarom bent gij nu niet verontrust door het feit dat er vreemden op ons terras komen en op onze tafel tekenen?” vroeg ik, vastberaden om het onderwerp niet zomaar van tafel te laten vegen. “Waarom zouden er in godsnaam mensen op onze tafel willen komen tekenen?” was de lauwe reactie die ik toch eindelijk wist uit te lokken. “Duh!” repliceerde ik, niet begrijpend waarom iemand met zijn verstand dat niet meteen zag. “Ge weet toch dat ze vroeger strepen zetten op de gevels van mensen, om aan te duiden wie wanneer thuis was en wanneer er kon ingebroken worden?! Zelfs bij Schoonzus deden ze het, of dat dacht ze toch, tot ze doorhad dat het krassen van de buggy waren. Het is een Code!! Over onze gewoonten!” Hij wierp nog eens een blik op de code terwijl ik ze met de nodige nauwkeurigheid ontleedde. Aan de hand van de stippellijnen wees ik aan dat het badkamerraam wel eens openblijft ’s nachts, en dat er uit het andere raam ’s avonds geluid te horen is van een televisie, dus langs daar moeten ze vooral niét binnenkomen. Het vraagteken, zo dokterde ik vernuftig uit, was mijn uurrooster. Er is namelijk geen mens op de wereld die met zekerheid kan voorspellen wanneer ik thuis ben, zelfs ik niet, want daar zit niet de minste logica in.
“Hier, ik haal hun code overhoop,” zei mijn overbuur, die zich waarschijnlijk realiseerde dat hij beter gewoon deed alsof hij het geloofde als hij er snel vanaf wou zijn, terwijl hij er willekeurig stippellijnen doorheen tekende. “Aha! Uitstekend idee!” riep ik evenwel trots. Om het nog wat duidelijker te maken voor de toekomstige inbrekers dat we hen wel doorhebben en er met ons niet te sollen valt, tekende ik er een hand met opgestoken middelvinger bij. “Daar, een vette ‘fuck you, we hebben uw code verneukt’,” legde ik dapper uit. Die durven voorzekerst nooit in te breken bij ons, ha!

Written by Nina

01/07/2009 op 9:03 pm

J-1

with 3 comments

En voor ge het weet is het ineens de avond vóór Werchter. Iiiiiieeeeee!! En dat is nog zacht uitgedrukt.

Written by Nina

01/07/2009 op 7:53 pm